assertiviteit: de manier van leren is het
|
|---|
auteur: Hans Dalhuijsen |
leren is onderweg zijn
Leren is: komen van waar je bent naar een situatie met meer mogelijkheden voor jezelf. Als ik iemand naar de trein wil brengen, dan haal ik hem op waar hij is, laat hem instappen in mijn auto en breng hem naar het station, waar de treinen zijn. Dit logische proces kun je ook gebruiken bij het vooraf beoordelen van het effect van cursussen:
Het programma dient te vertrekken vanuit de uitgangspositie van de potentiële deelnemer en te eindigen op de plek waar deze wil wezen (de persoonlijke leerdoelen of die voor de organisatie waarin hij/zij werkt). de bomen en het bos
Gelukkig is het zo, dat mensen vrijwel alles in hun leven onderbrengen in vaste routinematige patronen. De sleutel voor het beoordelen van het effect van een cursus of training zit dus in het herkennen van de manier van leren van de potentiële deelnemer en het vergelijken daarvan met de manier van leren in het aan te kopen cursusprogramma.
Maar, helaas voor de beoordelaar, er zijn bijna net zoveel manieren van leren als dat er mensen zijn. Literatuur hierover beslaat al bibliotheken vol. het ISE culturenmodel
Het door ons ontwikkelde ISE persoonlijkheids- en culturenmodel maakt deze materie op een nieuwe manier hanteerbaar door een vereenvoudiging en clustering van de verschillende leerpatronen, die het menselijk functioneren bepalen.
Het ISE culturenmodel clustert leerprocessen in acht hoofdcategorieën van activiteiten. Deze zijn achtereenvolgens:
Dominante leerpatronen van al onze cursusdeelnemers bleken zonder uitzondering in deze indeling te kunnen worden ondergebracht.
Behalve deze clustering geeft het ISE culturenmodel ook een beschrijving van de overgangen tussen de categorieën, en daarmee van welke soort van veranderingen of nieuwe vaardigheden iemand nodig heeft om ook andere categorieën van leeractiviteiten te kunnen ontwikkelen. kwaliteitsbepaling met het ISE culturenmodelMet behulp van dit model zijn cursussen en trainingsprogrammas als volgt vooraf kwalitatief op hun leereffecten voor de eigen deelnemer(s) te vergelijken:
De persoon van de trainer of cursusleider speelt hierin een zeer dominante rol. In elke cursus of training zijn zijn of haar dominante leercategorieën de meest gedemonstreerde vaardigheden. Deze worden (vaak onbewust) door de cursisten opgenomen. voorbeeld: Individuele behoefte aan assertiviteitMedewerker X kan moeilijk voor zichzelf opkomen, is passief en terughoudend in groepssituaties en vergaderingen. Bij vergelijking met het ISE culturenmodel blijkt deze dominant de leercategorieën 2, 3 en 4 te gebruiken. Het leren van X gebeurt dus vooral op denkniveau.
X wil meer vanuit zichzelf en spontaan kunnen communiceren met collegas. In het model is dit leercategorie 5. Het ISE-model geeft aan, dat dit neerkomt op het kunnen verleggen van de aansturing van het eigen gedrag van de linker hersenhelft (rationeel, digitaal) naar de rechter (spontaan, analoog). Aangeboden trainingen zijn vervolgens te toetsen op de aanwezigheid van dit aspect: Assertiviteitstrainingen met rollenspellen en/of het uitvoeren van opdrachten als Ga naar de buurman en leen een ei (beiden categorieën 7 en 8), eventueel gevolgd door (tijdrovende) evaluatie van videobeelden (2, 3 en 1) zullen hier weinig effect hebben. Ditzelfde geldt voor programmas met een focus op bespreken van de inhoud van problemen (categorieën 2 en 3) en het proberen van daaruit resulterende nieuwe gedragsmogelijkheden (categorieën 7 en 8). Een programma dat de nadruk legt op hoe je met je lichaam je geestesgesteldheid beïnvloedt en omgekeerd en hoe je jezelf kunt zijn bij anderen (categorieën 4, 5 en 6) daarentegen veel meer. Ook hier weer, ongeacht de inhoud van de training. Wordt voor X een individueel begeleidingstraject overwogen, dan zal een adviseur of coach die beschikt over de leerdominanties 4 én 5 het meeste effect kunnen bereiken.
De workshop Persoonlijk functioneren in de groep / Zelfpresentatie is met het ISE model zodanig opgebouwd, dat alle leercategorieën aan bod komen. |
Copyright ISE-Training 11 februari 2000 Hans Dalhuijsen
|
|